Naar hoofdcontent van deze pagina
De pagina voorlezen met gebruik van ReadSpeaker

Veelgestelde vragen over verkeer

De gemeente Houten ontvangt regelmatig vragen op het gebied van verkeer en vervoer. De meest gestelde vindt u hieronder met het bijbehorende antwoord.

Staat uw vraag er niet tussen? Mail naar gemeentehuis@houten.nl en u ontvangt het antwoord zo spoedig mogelijk.

Veelgestelde vragen

Het bord "auto te gast" geeft aan dat er sprake is van een fietsstraat. De fietsstraten in Houten, en ook in andere plaatsen, zoals Goes, Ruurlo, Tilburg, Utrecht, Amersfoort, Hengelo, hebben officieel geen aparte juridische status. Feitelijk zijn het fietspaden waar ook auto's op toegelaten worden en waar auto's zich dus moeten aanpassen aan de snelheid van fietsers. Dit wordt afgedwongen doordat de fietsers wat meer op het midden van de weg rijden, er volgens de theorie voldoende fietsers moeten zijn en de afstand tot de bestemming op de fietsstraat niet al te ver is. De grens ligt ongeveer op 300m. Samen met een maximumsnelheid van 30km/u voor het autoverkeer zorgt dit er voor dat de tijdwinst voor automobilisten zo minimaal is dat het passeren van fietsers niet aan de orde is. Dat vereist soms wel enige "ruggengraat" van fietsers, maar meestal wil een automobilist er helemaal niet langs. 

Er zijn verschillende uitvoeringstypen, eenrichtingsverkeer en tweerichtingsverkeer, met en zonder rabatstrook en met en zonder middenscheiding. In Houten hebben we het type tweerichtingsverkeer met rabatstrook zonder middenscheiding. Over het algemeen bevalt dit goed, fietsers hebben een comfortabele, herkenbare fietsroute. Aandachtspunt is het parkeren, zoals bijvoorbeeld op De Molen en op de Binnentuin.

Van het ontbreken van een officiële status liggen we in Houten niet wakker. Al voordat indertijd het woonerf officieel geregeld was, werd het in Houten aangelegd, zo ook de 30km-zones.

De gemeente is met BRU, de concessieverlener voor het openbaar vervoer, en Connexxion, de vervoerder in gesprek zijn om een busroute over de Meerpaalweg te krijgen. Het probleem is dat dit in verband met de kosten geen "nieuwe" buslijn kan zijn, maar de omlegging van een bestaande lijn moet worden. Hierbij vinden wij het wel van belang dat ook bestaande reizigers, die de bus van hun bestemming dus niet meer op de Rondweg vinden, toch een goede (overstap)verbinding blijven houden. Om dit mogelijk te maken is een overstapvoorziening op de Utrechtseweg, waar alle lijnen gebruik van maken, noodzakelijk. Vooralsnog is hier geen geld voor. Lijn 47 is de buslijn die het meest voor de hand ligt om over de Meerpaal te leiden, omdat deze ook al de bedrijfsterreinen Rondeel, Doornkade, Liesbosch, Westraven en Kanaleneiland aandoet.

De bus rijdt over de Rondweg vanwege de veiligheid in de wijk, de herkenbaarheid voor de reiziger en de mogelijkheid om nieuwe woon- en werkgebieden met hetzelfde aantal bussen te bereiken. Hieronder wordt dit uitgelegd.

In Houten ten noorden van De Koppeling is indertijd ervoor gekozen de bus binnen de Rondweg tussen de wijken te laten scharrelen. Bussluizen moesten voorkomen dat ook ander motorverkeer van de busroute zou gebruikmaken. Deze voorziening met slagbomen was onderhoudsgevoelig en daardoor kostbaar.

Een andere overweging was het bij veel mensen levende gevoel van onveiligheid. Bussen zijn nogal groot voor de woonomgeving en leveren daardoor een gevoel van onveiligheid op. Objectief zijn er overigens geen ongevallen met bussen binnen de woonwijken bekend. Daarnaast waren de straten waar de bus over reed wat ruimer, waardoor automobilisten ook harder konden rijden.

Door de ontwikkeling van de bedrijfsterreinen buiten de Rondweg werd het noodzakelijk om ook hier openbaar vervoer te brengen. Dit leidde tot een versnipperd net van busverbindingen in de richting van Nieuwegein en Utrecht. Door de buslijnen te bundelen is het mogelijk om op delen van de Rondweg en De Koppeling zes bussen per uur te laten rijden, waardoor het kwaliteitsniveau sterk is verbeterd. Bovendien werd het, via een ingewikkelde truc, mogelijk om een buslijn vrij te spelen die nu de Vinex bediend. Voor de levensvatbaarheid van het OV op de langere termijn is dit een belangrijk element.

De haltes liggen nu wel iets verder van de woningen af. Om dit te compenseren zijn bij iedere bushalte ruim voldoende stallingsvoorzieningen voor fietsers gerealiseerd. Per saldo is het bereik dat de bus hier mee in Houten heeft vergroot. Op een paar plaatsen heeft de verplaatsing van de buslijnen naar de Rondweg geleid tot beperking van ouderen in het openbaar vervoer. Hiervoor is tegenwoordig Regiotaxi beschikbaar.

Door de verbetering in de lijnvoering kunnen meer mensen van de bus gebruik maken. Overigens komt de bus op een paar plaatsen nog binnen de Rondweg, op de routes van en naar het station in het Centrum. In de toekomst zal ook nog een bus naar de halte Houten Castellum gaan rijden. Hoe dat precies zal gebeuren is nog niet bekend.


De landelijke maatregel "bromfiets op de rijbaan" is bedoeld om het slachtofferrisico voor bromfietsers terug te dringen. Bij de invoering van de maatregel heeft de gemeente Houten overwogen brommers van de fietspaden te verbannen. Al sinds de eerste jeugdigen in Houten op brommers rondrijden wordt er overlast ervaren.

Uiteindelijk is besloten brommers wel op de hoofdfietspaden toe te laten, omdat geen redelijk alternatief aanwezig is. Houten heeft een unieke verkeersstructuur met fietsverkeer "binnendoor" en autoverkeer altijd verplicht buitenom. Autoverkeer op de Rondweg mag 70 km/u rijden en rijdt vaak nog wat harder. Hoewel brommers er niet harder dan 30 km/u mogen (de Rondweg is binnen de bebouwde kom), rijden zij vaak harder. Het snelheidsverschil tussen de juridische 70 km/u en 30 km/u is echter te groot om een verantwoorde invoering toe te laten. De kans dat het aantal ongevallen zou toenemen is dan groter.

Daarnaast is een bromfietsverbod op de fietspaden niet handhaafbaar. Door het grote aantal fietspaden en kortsluitingen in de fijnmazige fietsstructuur van Houten zal er hoe dan ook door bromfietsers gebruik gemaakt worden. Over de Rondweg moet je omrijden en dat doen bromfietsers ook niet graag.

Om de veiligheid op bromfietspaden te verbeteren is in 1996 een project gestart om te onderzoeken of met bromfietsdrempels de snelheid van bromfietsen geremd kan worden. Uit de evaluatie van de eerste twee bromfietsdrempels is met name gebleken dat ze nuttig kunnen zijn in de omgeving van scholen, onoverzichtelijke kruispunten en oversteekplaatsen.

Voor snelheidsremming op langere trajecten zijn ze minder geschikt, omdat er dan iedere 80 meter een drempel geplaatst moet worden. Dit is erg kostbaar en levert teveel hinder op voor de vele fietsers die dagelijks van het fietsroutenet gebruikmaken. Wel beschikt de politie sinds 2002 over een lasergun, waarmee zij van op afstand de snelheid van een passerend voertuig meet. Hoewel de gun regelmatig gebruikt wordt en er ook regelmatig "vliegende controles" zijn, met politie op scooters en motoren om hardrijders aan te houden, blijft het een lastig probleem. Door de opkomst van de mobiele telefonie en sms weet "de brommerjeugd" het binnen de kortste keren als de politie weer op jacht is. Op die momenten is het dus rustig op straat.

Anders dan het aanpassen van wat bebording hier en daar zijn er nauwelijks maatregelen in de gemeente Houten geweest.

Op een aantal plaatsen legt de gemeente Houten rotondes aan, op andere plaatsen zijn nog T-kruisingen aangelegd. De gemeente Houten heeft hiervoor een aantal argumenten:

  • De rondweg is een weg met maximumsnelheid en ontwerpsnelheid van 70 km/u. Om bij de gegeven verkeersintensiteit de verliestijd niet al te groot te laten worden, moeten rotondes aangelegd worden met een groot ruimtebeslag, zoals bijvoorbeeld bij De Staart/A27. Bij de bestaande Rondweg is deze ruimte niet aanwezig. Uit oogpunt van uniformiteit en grondexploitatie wordt dit bij de nieuwe Rondweg ook niet doorgevoerd.
  • Rotondes veronderstellen een zekere gelijkwaardigheid per aantakkende richting. Bij het merendeel van de inprikkers op de Rondweg is deze gelijkwaardigheid niet aanwezig, de Rondweg is veel drukker dan de inprikker. Deze ongelijkwaardigheid zou tot voorrangsconflicten kunnen leiden (buitenrijbaan Rondweg geeft geen voorrang aan oprijdend verkeer uit inprikker).
  • De vormgeving van T-aansluitingen op de nieuwe Rondweg, met een bredere middenberm en smallere rijbanen vormt een grote verbetering op de verkeersveiligheid in vergelijking met de T-aansluitingen op de bestaande Rondweg.
  • Bij kruisingen die met VRI's zijn geregeld is het eenvoudig mogelijk om openbaar vervoer en hulpdiensten (ambulance, brandweer en politie) prioriteit in de verkeersafwikkeling te geven.
  • Een aantal kruisingen is volgens de modelberekeningen te druk om een (meerstrooks)rotonde aan te kunnen leggen.

Er is een duidelijk verschil tussen voorrang hebben en voorrang krijgen. Strikt genomen volgens de wet heeft er niemand voorrang. Er zijn wel regels die maken dat in bepaalde situaties voorrang moet worden verleend aan anderen. Ofwel, iemand krijgt voorrang van een ander als die ander voorrang verleend. Als u volgens de regels voorrang zou moeten krijgen maar als uit de verkeerssituatie overduidelijk blijkt dat de ander u geen voorrang gaat verlenen, dan mag u geen voorrang nemen. De rol van de gemeente in dit geheel is het voor iedereen zo duidelijk mogelijk maken welke regels waar van toepassing zijn. Indien u van mening bent dat een voorrangssituatie onvoldoende duidelijk is aangegeven, dan kunt u de gemeente vragen dit te onderzoeken.

Antwoord: Ja en nee, afhankelijk van de situatie. Bedrijfsauto's zijn namelijk niet altijd herkenbaar en dus niet als zodanig in de wet opgenomen. Afmetingen van voertuigen zijn veel beter te controleren en dus kunnen op basis hiervan regels gemaakt worden. Ze staan in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV).

De APV vermeldt dat het parkeren van een voertuig langer dan 6 meter òf breder dan 2,05 meter òf hoger dan 2,40 meter binnen de bebouwde kom verboden is tussen 18.00 en 8.00 uur, behalve op een daarvoor aangewezen plaats (parkeerterrein bij sportpark Oud-Wulven). Het overnachten van grote voertuigen is dus niet toegestaan.

Het plaatsen van aanhangers, caravans en andere voertuigen die niet voor het 'dagelijks' vervoer bestemd zijn, op de openbare weg is toegestaan als het niet langer voortduurt dan 3 achtereenvolgende dagen op dezelfde plaats of met enige verandering van plaats. Dit om mensen gelegenheid te geven de caravan of aanhanger gereed te maken voor vakantie of iets dergelijks. Wanneer geconstateerd wordt dan een dergelijk voertuig langer dan 3 dagen op de openbare weg staat, kan het zijn dat de gemeente het voertuig weg laat slepen.

Een blauwe zone is bedoeld om de schaarse parkeerruimte zo eerlijk mogelijk te verdelen, zonder dat mensen daarvoor hoeven te betalen. Bij instelling van de blauwe zone in het centrum is een ontheffingsstelsel opgesteld om bewoners toch de mogelijkheid te geven om (goedkoop) een parkeerplaats te vinden. Voor het Oude Dorp is geen ontheffingsstelsel vastgesteld en worden geen ontheffingen verleend. In het Oude Dorp zijn in de blauwe zone ook parkeerplaatsen zonder blauwe streep aanwezig, hier kunt u ook langparkeren.

De gemeente heeft in het kader van het programma Duurzaam Veilig (fase 1), bijna alle wegen binnen de bebouwde kom tot 30 km/h gebied verklaard. Auto’s mogen daar dus niet sneller rijden van 30 km/h. De meeste automobilisten houden zich netjes aan de snelheid. Echter,  omdat sommige automobilisten zich niet aan de snelheid houden, heeft de gemeente op bepaalde plaatsen maatregelen getroffen. Dit betreft bijvoorbeeld drempels en plateaus. Het is echter onmogelijk overal dergelijke maatregelen te nemen; behalve dat het voor de gemeente erg duur is, is het voor de weggebruiker een weinig comfortabele manier van rijden, waar ook netjes rijdende weggebruikers en fietsers last van hebben. Daarnaast is het vooral ook voor de hulpdiensten, zoals ambulance en brandweer, niet goed als er (te veel) hobbels en andere obstakels in de route liggen.

In de nu volgende fase van Duurzaam Veilig (fase 2) wordt daarom meer aandacht besteed aan voorlichting en educatie. Daarbij wordt begonnen op de scholen, zodat de kinderen leren wat veilig bewegen in het verkeer met zich mee brengt. Uiteraard zullen de kinderen het geleerde bij hun ouders toetsen en zo ook hun invloed hebben op het rijgedrag van de ouders. Veilig verkeer begint immers bij jezelf.

Parkeren is niet alleen in grote delen van Houten een probleem, maar ook in vele andere gemeenten speelt deze problematiek. De oorzaak van de parkeerproblematiek is veelzijdig. De belangrijkste oorzaak is het nog steeds toenemende autobezit in Nederland. Er komen steeds meer auto’s bij. Vroeger had een gezin wel of niet een auto. Tegenwoordig zijn bij sommige gezinnen al meer dan drie auto’s te vinden. De wijken zijn daarop uiteraard niet ingericht.

De vraag of er meer parkeerplaatsen bij kunnen komen is ten eerste afhankelijk van de ernst van de problematiek en ten tweede van de mogelijkheden en wenselijkheid om meer parkeerplaatsen te realiseren. De ernst van de problematiek wordt op dit moment in het noordelijke deel van Houten in kaart gebracht. Op deze manier zijn prioriteiten aan te brengen. Of het mogelijk en wenselijk is parkeerplaatsen aan te leggen is vervolgens afhankelijk van de inrichting van de wijk. Extra parkeerplaatsen gaan bijna altijd ten koste van groen of van speelplek en dat is niet altijd even wenselijk voor de leefbaarheid van de wijk.

In tegenstelling tot enkele jaren geleden dient tegenwoordig aan alle bestuurders (dus bijvoorbeeld aan auto’s, fietsers, bromfietsers en begeleiders van vee) die VAN RECHTS komen voorrang te worden verleend. Tenzij er natuurlijk sprake is van een voorrangsregeling. Op sommige plaatsen is de regel nog steeds wat onwennig, bijvoorbeeld waar fietspaden uitkomen op straten. De belangrijkste regel om dan te onthouden is: niemand heeft voorrang. Alleen als iemand voorrang verleent, krijgt er iemand voorrang. Voorrang nemen is levensgevaarlijk en bovendien verboden.

Soms is er sprake van zichtbelemmerende begroeiing. Over het algemeen is in een 30 km/h gebied slechts sprake van zichtbelemmering als de begroeiing dicht bij de rand van de rijbaan komt en zo hoog is dat het verkeer (vanuit een voertuig) er niet overheen kan kijken. Staat de begroeiing op ruime afstand van de rijbaan, dan is er over het algemeen voldoende mogelijkheid, eventueel met aangepaste snelheid, tot aan het kruispunt op te rijden en zo zicht te krijgen op het kruisende verkeer. Bij hogere snelheden (bijvoorbeeld 50 km/h), kan al eerder sprake zijn van zichtbelemmering. Of er sprake is van zichtbelemmerende begroeiing wordt door de verkeerskundige van de gemeente beoordeeld. Indien er sprake is van zichtbelemmerende begroeiing, is de eigenaar van de beplanting verplicht deze te snoeien of knotten of eventueel te verwijderen.

Indien een muur van bijvoorbeeld een schuur zorgt voor zichtbelemmering, dan dient het verkeer zich in haar gedrag aan te passen aan deze situatie. De gemeente neemt in dergelijke gevallen doorgaans geen maatregelen.

Het is verboden op het gras / op de stoep of voor een uitrit te parkeren. Voor de handhaving van deze regels is alleen de politie bevoegd om op te treden.

In de gemeente Houten zijn alle parkeerplaatsen op openbaar terrein openbaar toegankelijk. Dit betekent dat iedereen een voertuig mag parkeren op die plekken waar het voor betreffende voertuigen is toegestaan. De gemeente kan derhalve niets doen aan het parkeren door bewoners of bedrijven in andere straten. Uiteraard is de gemeente zich wel bewust van problemen die kunnen ontstaan in de buurt van bedrijven of winkels in de blauwe zone van het centrum. Bij het opstellen van de nieuwe plannen voor het centrum wordt dan ook veel aandacht besteed aan het verminderen van deze specifieke parkeeroverlast.

Overlast van brommers en scooters in het verkeer is een breed bekend probleem. Er zijn reeds verschillende initiatieven geweest om de jonge rijders te wijzen op hun gevaarlijke gedrag. Ook wordt op sommige locaties door middel van fysieke maatregelen getracht de overlast te beperken. Hier worden bromfietsdrempels aangelegd.

De effectiviteit van deze fysieke maatregelen is echter beperkt en levert ook comfortverslechtering op voor fietsers. Belangrijkste aanpak door de gemeente richt zich dan ook met name op voorlichting en educatie.

Print Icoon printen